22 en 23 juni – In het Rioja gebied.

22 juni. Slapen in een albergue van een klooster.

Kijk ons hier zitten aan ons ontbijtje. We worden bediend, koffie en geroosterd stokbrood, lekker. Er is zon op de bergen, het is nog koel in de ochtend.  De kilometerteller staat op 1530 en we hebben zeker nog zo’n 700 kilometer voor de boeg met nog heel veel zware hellingen. Dat klimmen hoort er bij en het mooie is, dat Freek merkt dat het hem minder moeite kost dan in het begin. Wonderlijk dat je lichaam zich aanpast en je sterker maakt. Zo vroeg op de dag volg je je eigen schaduw eerst links van je, later recht voor je op de weg. Eigenlijk is het ‘s morgens vroeg het mooist, de zon schijnt zacht op de velden en bergen. Zwaluwen beginnen te zingen, cigales worden wakker. Lopende pelgrims zien we in lintvorm achter elkaar lopen. Met zijn allen onderweg zijn werkt verbindend. We zien sporen van de pelgrims, houten kruisjes en bergen opgestapelde stenen  aan de kant van de camino. Wat is het weer ongekend mooi, het is bijna niet uit te leggen. Je zou hier zelf moeten zijn, dan pas beleef je al dit moois. We zijn nog in het Rioja gebied met zijn grote wijn coöperaties.

Het Rioja gebied met zijn Bodegas en wijn coöperaties.
Het Rioja gebied met zijn Bodegas en wijn coöperaties.

Het is een genot om te kijken naar de prachtige dikke knoestige wijnstokken, velden rood van de klaprozen, groene wijnvelden en geelgroen graan. Met daar achter de milde kleur van de pieken van de bergen heel hoog met een beetje sneeuw. Er volgt een flinke afdaling. “Pas op, de weg zit vol met kuilen, hobbels en bobbels”, roept Freek me na terwijl ik naar beneden suis. Het stuur trilt, oppassen dus, levensgevaarlijk, zo’n weg..  Een ongeluk zit in een klein hoekje, maar de engeltjes onderweg beschermen ons. De cappuccino met een broodje of cake smaakt heerlijk en wat zijn de prijzen goedkoop! De Spanjaarden zijn erg vriendelijk, steeds weer wensen ze ons buen camino en ze leren me de Spaanse woorden als ik er om vraag. Auto’s stoppen, de duimen omhoog en ze wijzen ons de juiste weg, super!

Langs het gravelpad bij de bruisende rivier zien we gaten in de hoge rode rotsen en looppaden.

Oude knoestige wijnstokken.
Oude knoestige wijnstokken.

Het wordt weer heet en we moeten klimmen, het water loopt over mijn gezicht en onder langs mijn helm. De kilometers lange hellingen met hitte maken het zwaarder dan in Frankrijk. Als je pauze hebt gehad, moet je weer even in je ritme komen. De spieren in mijn benen voelen moe aan, opgezette linker voet en.. ik krijg zo nu en dan zadelpijn en nekpijn. We zijn blij dat het  verder zo goed gaat. Zelfs onze fietsen hebben geen mankementen, houden zo! Een vrouw die van de winkel komt ziet me langs de weg hijgen. Ze zegt dat ik moet eten, eten doen we veel en we komen er geen gram van aan. Ze geeft ons ieder drie abrikozen, Buen camino!

‘s Middags is het eigenlijk te warm om te fietsen. We komen niemand tegen op deze verlaten lange hete wegen. We houden even siësta in het gras langs de weg. Maar we moeten verder, hier blijven zitten is ook niet gezond. We treffen het met het windje in de rug. “Hoe is het mogelijk, met het windje in de rug heb ik nog moeite om omhoog te klimmen, ik sta bijna stil”, zegt Freek. Het is genoeg voor vandaag. Op het eind worden we getrakteerd op een snelle lange afdaling naar Santa Domingo de la Calzada. Al snel zien we de albergue van het Cisterciënzer vrouwenklooster. In de koelte van het klooster wachten meer pelgrims. Achter het glas zit een non die al maar telefoontjes krijgt, zij  schrijft ons in.  Voor de fietsen is plek. We slapen in een kamer voor drie personen dat verbonden is met nog zo’n kamer. De kamer genoten komen uit Barcelona. Op de gang is de douche en toilet, het is hier erg sober en oud, kranen kapot. Er is een mooie binnentuin waar we nu lekker zitten.

Ontmoetingen onderweg.

We zitten in de tuin van het klooster. Een pelgrim uit Argentinië  verdeelt frisse meloen. Zij loopt de camino met herinneringen aan haar Franse  grootouders. Het is heerlijk stil in de tuin met een verfrissend windje.  Straks eten we een pelgrims menu en vanavond op tijd slapen dan kunnen we morgen ook vroeg weer verder gaan. Er komen twee jongens aan, de één spreekt Vlaams de ander trekt rond vanuit Hawaï. “ Willen jullie straks ook een visje proeven? Wij gaan ze bakken en het is leuk om met een hele groep te eten!” De deur gaat open en ze komen terug met een bord met enkele gebakken sardientjes. Een Nederlander,  fietser, maakt een praatje, hij is met drie vrienden onderweg. Samen fietsen ze lange reizen. “Als er iets is, dan praten we het uit!” Ja, pelgrims, werkelijk overal vandaan zijn onderweg.

Als we na het pelgrimsmenu terug lopen naar het klooster komen we op het plein bij de kathedraal de Duitse jonge vrouw, Ute met de helm met bloemetjes weer tegen. We luisteren naar haar levensverhaal, zij heeft heel wat te verwerken. Het is mooi om elkaar weer te spreken. Nog steeds is het buiten tropisch warm, koormuziek klinkt uit de kerk. Terug in het klooster op onze kamer praten we met onze kamergenoten uit Barcelona. Ik hoor ze zeggen: “ Wij van de camino zijn allemaal gelijk!”  Eén  van de oudste heren heeft ook een bypass ondergaan, Freek en hij geven elkaar de hand. Wat moedig en een positieve instelling om dan toch naar de stem van je hart te luisteren en de camino mee te maken! We zullen allemaal lekker slapen en staan morgen om 6 uur op. Welterusten!

 

23 juni. Opnieuw naar een bijzondere albergue.

Links: de kerktoren van Rechts: veel ooievaarsnesten in het Rioja gebied.
Links: de kerktoren van Santa Domingo.
Rechts: veel ooievaarsnesten in het Rioja gebied, zoals hier op oude fabrieksschoorstenen.

Wat was het stil vannacht,  we hebben immers allemaal een goede nachtrust nodig. Om 6 uur staan we allen naast ons bed en om 7 uur rijden wij het klooster uit. Het is nog fris, de zon is verblindend. De ooievaars op hun nesten klepperen met hun snavels en wapperen met hun vleugels. We verlaten het Rijoja  gebied en rijden nu de omgeving van de Campos binnen. Het is opnieuw ongelooflijk mooi.

Een prachtig landschap.
Een prachtig landschap.

Geen dag en moment is hetzelfde. Mijn ogen blijven met verwondering kijken. De vele tinten groen en geel op de hoge heuvels lijken wel zachte lapjes fluweel, de hoogste bergen aan de horizon met de felblauwe lucht, het is een sprookje. Vogels en cigales gaan weer fluiten, een hagedis rent voor zijn leven. Het wordt weer warm maar de tegenwind is koel.

Flink dalen en klimmen in het mooie landschap
Flink dalen en klimmen in het mooie landschap.

De klim van zopas in koele tegenwind naar 1054 meter hoog vervolgt zich met een snelle daling, maar daarna moeten we dit een paar keer herhalen. . Zo fietsen we in stilte door, warm, warm.. We komen aan in San Juan de Ortega. Het bestaat uit een oud klooster met hospital, een grote romaanse kerk en enkele woningen. We zien de albergue in een gerestaureerd deel van het klooster. Hier gaan we overnachten. De fietsen kunnen in de binnenplaats staan. Er zijn twee grote slaapzalen met ieder 10 stapelbedden, samen voor 40 pelgrims. En als het heel druk is worden er gewoon matrassen op de grond gelegd. We zoeken een bed. Alle onderbedden zijn bezet. Maar dan springt er een Japanner uit zijn onderbed die hij mij aanbiedt. Hij wijst naar boven naar het lege bed dat vrij is. Als een poes zo snel, klimt hij naar een ander bovenbed. Wat aardig! Ja, we merken dat de pelgrims rekening houden met elkaar. Op de bedden liggen mensen te slapen, doodmoe, even uitrusten. Iedereen fluistert om dan niet te storen. Na de douche rusten wij ook even uit. Ik vind het grappig, allemaal nationaliteiten overal vandaan slapen zo bij elkaar, samen onderweg met hetzelfde doel. Ik hang onze was om te drogen op de lijn. En straks eten we in deze albergue ons pelgrims menu.  We zitten naast Fransen die samen de camino doen. We genieten en wat hebben we het goed.

In de eetzaal van de albergue.
In de eetzaal van de albergue.

 

Ontmoetingen onderweg.

Er komen twee stipjes dichterbij. Felblauw en knalgeel. Ze hebben een lichtje achterop. “Dat is veilig. Wij komen uit  België  en fietsen naar Santiago  voor een goed doel. Mijn kleinzoon heeft een handicap maar hij is een kanjer.  Er is geld nodig om deze kinderen te kunnen helpen. Mensen doneren, het heeft al 6000 euro opgebracht!” Grootouderliefde, ik krijg er kippenvel van op mijn benen.. Voor wie zijn reisverhaal wil lezen, klik op: http://www.compostelafietsen.wordpress.com  Ik vertel hem dat ons goede doel me ‘vleugels’ en moed geeft tijdens het fietsen.

wp-1466747098707.jpeg

Hoe hoog zal de teller voor www.InsideTheSame.com  zijn?

In de toiletruimte heb ik een praatje met een vrouw uit Nijbeets bij Drachten.  Zij loopt de camino met een vriendin, ze smeert mijn rug in met aftersun, wat is het gezellig! We bekijken de zeer oude kerk uit ongeveer het jaar 1150. San Juan, een volgeling van bouwheer Santo Domingo stichtte deze verzorgingsplaats. We zien zijn crypte in deze prachtig gerestaureerde kerk. Het is een pracht avond en je waant je hier in vroegere tijden.

Advertenties

Een gedachte over “22 en 23 juni – In het Rioja gebied.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s