9 t/m 13 juli – Vrije dagen in Muxia.

Met gedachten aan onze jarige dochter Marloes word ik wakker. Het is 9 juli en als de dag van gisteren herinner ik me nog hoe het was toen Marloes ter wereld kwam!  Marloes is de moeder van Lizzy die als twee druppels water van binnen en van buiten op haar lijkt en van  Sara die ons motiveert om voor het goede doel www.InsideTheSame.com  naar Santiago te fietsen. Hoe hoog zal de teller staan om de albino kindjes in Tanzania een veilig en goed kindertehuis te kunnen geven? O, wat zou het fantastisch zijn dat het kindertehuis geen droom maar werkelijkheid wordt! Groot nieuws, de teller voor http://www.InsideTheSame.com  staat vandaag op 1420 euro! Wat zijn we blij met dit fantastisch bedrag, allen ongelooflijk hartelijk bedankt, namens de albino kindjes! Wie weet groeit het bedrag nog.. 

Wij staan vandaag heel vroeg op, kort na het ontbijtje lopen we met onze tas naar de bushalte. Het is nog fris, we moeten lang wachten voordat de bus ons naar het grote busstation brengt. Daar wachten we nog een hele poos op de bus die ons naar Muxia brengt. Muxia, het kleine pittoreske vissersdorpje aan de baai bij de kust, richting Finisterre. Muxia, de plaats waarvan men zegt dat er zoveel connecties  zijn met de apostel Jacobus. De bus doet er twee uur over om in Muxia te komen. De rit is mooi. We rijden door grote bossen met eucalyptusbomen en door heel wat plaatsen en dorpjes. Aan het geluid van de bus hoor je dat er heel wat hellingen te nemen zijn.

Muxia is ook een plek voor sportvissers.
Muxia is ook een plek voor sportvissers.

Dan ineens zie ik diep beneden me de blauwe baai, de haven met veel kleine bootjes, bergen op de achtergrond, en hoge verpauperde armoedige huizen tegenover de haven. We stappen uit en zoeken de Hongaarse Albergue Delfin waar we naartoe willen. We zien enkele eethuisjes en terrasjes, verder is het rustig, helemaal niet toeristisch, zonder enige opsmuk. Als we de  Albergue Delfin binnen lopen is er een onverwacht hartelijk weerzien met Anna die we eerder in Hospital d’Orbigo troffen. De albergue, versierd met veel hangende wandkleden ziet er gezellig uit. Rosa, Hongaarse,  ontdekte het mooie van Muxia toen ze naar Santiago liep. Drie jaar geleden besloot Rosa deze albergue te kopen. Zij en vier hospitalero’s,  allen uit Hongarije, hebben om de beurt in tweetallen dienst. Hongaarse sfeer en kleding, ik hoor ze samen Hongaars spreken. Er is een woonkamer met keuken  en een slaapzaal met 14 bedden. Anna adviseerde ons om naar Muxia en deze albergue te gaan omdat zijzelf hier zo graag als hospitalero verblijft. Wat leuk, Anna is nog niet naar Hongarije waar ze woont, vertrokken!  We praten bij, krijgen een bed op de grond en installeren ons in deze albergue. Pal tegenover de baai en haven, zicht op zee, bergen, wat wil je nog meer? Anna geeft ons enkele ideeën over wat hier allemaal te doen is.

Het is mistig en koel als we Muxia verkennen.
Het is mistig en koel als we Muxia verkennen. De kerk, klooster en vuurtoren staan bijna met de voeten in zee.

We verkennen de directe omgeving, gaan ergens eten, doen boodschappen en rusten even uit. Het zal wel lukken om van de komende dagen iets moois te maken.

Mooie zandstrandjes en hoge golven. Hier brengen we heel wat uren door.
Mooie zandstrandjes en hoge golven. Hier brengen we heel wat uren door.

Ontmoetingen onderweg.

We zitten op het terras van het eethuisje waar we gaan eten. Achter ons zitten ze, er wordt Nederlands gesproken. Niet meer piep jong,  Mop en Pieter uit Weesp, hij met een mooie hoed op en zij met een brede glimlach. Dan ontstaat er vanzelf contact en natuurlijk gaat het over de camino. Die tocht waar zij zo enthousiast over zijn. “ We hebben een bijzondere tijd gehad, we zijn vanaf St Jean-Pied-de-Port gelopen en zullen dit nooit vergeten. Van die camino leer je dat het elke dag weer goed komt, ook al ben je met rugzak en al rechtstandig voorover op de grond gesmakt.  Kijk maar,  Mop laat me een blauw oog en gehavende armen zien.  We leren te vertrouwen op : waar zal je slapen, hoe zal het gaan?  Bij de Cruz de Ferro  hebben we allebei onze steen, onze last neer mogen leggen. Achteraf hebben we elkaar en onze kinderen verteld wat dat was, het was emotioneel en zo mooi..  We hebben meer mooie momenten met anderen gedeeld, dat dit allemaal bij de camino hoort, wat een voorrecht om mee te maken. “

Heinrich uit Neurenberg.

Ineens zien we in de albergue een bekend gezicht. Vriendelijk lachende ogen in een bruin gezicht. “ Ja, ich kenne sie, war es nicht  in die Albergue in Villafranca wo wir in die Albergue so herlich gegessen haben? ” Het is een aardigheid om elkaar  meerdere keren tegen te komen. Dan praat je direct verder : “ Diese Reise ist ein Erlebnis hier leben wir einfach, es ist kein Urlaub, dann braucht mann mehr Luxe  “ Dit zijn we met Heinrich eens, want in een albergue missen we na een poos toch wel een privé leven, je leeft steeds te midden van anderen.

10 tot 14 juli. Muxia,  woelige zee, baaien en rotsen.

Muxia ligt niet ver van Finisterre, de plek die het einde van de wereld wordt genoemd. Het  lijkt  alsof het hier nooit anders is geweest. We maken wandelingen, willen deze mysterieuze wereld zien en in ons opnemen. Het is bewolkt en een beetje mistig. We lopen de kleine straatjes door het smalle paadje op dat omhoog gaat. We horen de bulderende hoge golven die op de rotsen breken. Het opspattend witte schuim van de zee die later blauw groene tinten heeft met de diep blauwe zee er achter. “ O,  wat mooi,” roepen we zachtjes. We zijn stil van zoiets moois. Het is bijna niet te bevatten. Enorme rotsen met wit schuim steken op uit zee.

De  vuurtoren met de muur van de kloostertuin bij de Atlantische Oceaan.
De vuurtoren met de muur van de kloostertuin bij de Atlantische Oceaan.

Opspattend schuim stroomt in stralende bogen over de hoogste pieken en gleuven van rotspunten in zee. De vuurtoren ernaast staat als een baken te waken.

Een markante kerk op deze plek waar je je zo klein en kwetsbaar voelt doet mij denken aan de verschillende legendes die hier leven.  

Ontmoetingen onderweg.

De verkoper José Ignacio Sambad.

De verkoper die in Nederland heeft gewerkt.
De verkoper die in Nederland heeft gewerkt.We kijken bij een kraampje waar we een houten bootje, een barca kopen. ” Ja, u komt uit Nederland, ik hoorde het al. Ik kan ook een beetje Nederlands. Ik heb in Groningen gewerkt, mijn bedrijf was aan de Westersingel nummer 15 gevestigd. Mijn baas, de kapitein nodigde me met Kerst bij hem thuis uit. Ik was slachtoffer bij een gasexplosie. Later heb ik nog twaalf jaar in Denemarken gewerkt waar ik veel verdiende maar toch ben ik weer terug gegaan naar mijn geboorteplek Muxia, hier ben ik gelukkig. Sommige woorden ben ik niet vergeten, trots kijkt hij ons aan. Dag mevrouw en mijnheer, hoe gaat het met u? ” We komen aan de praat en de verkoper vertelt ons vele wetenswaardigheden over deze plek. Enthousiast loopt hij met ons naar de kerk en vertelt: ” Op 25 december 2014 sloeg de bliksem in deze kerk. Er ontstond brand, veel is er verloren gegaan. De kerk is gerestaureerd. Kent u de legende, van Maria die de apostel Jacobus moed insprak ?

 En de legende van de stenen boot met de dode  apostel Jacobus die hier op de rotsen sloeg? Kijk, dit hier, is nog een gedeelte van de boot, dat daar, is het roer en die ronde steen daarachter, dat is een rest van het zeil. Als je er acht maal onderdoor kruipt, raak je je rugpijn kwijt.” Een groepje mensen en kinderen kruipen er onder door en ook de verkoper illustreert lachend hoe dit gaat. Ik vind het grappig en kruip ook onder dit grote gladde ‘zeil’ door. Wat een enthousiaste vrolijke verkoper is dit.

De legende van Maria die met een boot op de kust bij Muxia landt en de apostel Jacobus een hart onder de riem steekt. Boven: de boot; Midden : het zeil; Onder: het roer.
De legende van Maria die met een boot op de kust bij Muxia landt en de apostel Jacobus een hart onder de riem steekt.
Boven: de boot; Midden : het zeil; Onder: het roer.

We zien dat naast de kerk eens een klooster en kloostertuin was. In de kerk hangen bootjes waar bescherming voor wordt gevraagd. We lopen over de rotsen, wat is dit fascinerend mee te maken! Er zijn veel baaien en prachtige ruige rotsformaties in zee. De keiharde rotsen, de grillige gevaarlijke zee die beukt op de rotsen en kletst in de zee, we kunnen er naar blijven kijken.

De golven beuken op de rotsen.
De golven beuken op de rotsen.

We horen stemmen en verderop klinkt muziek. Er is een hardloopwedstrijd, een rondje door het dorp. De snelste atleten komen de heuvel al afgerend, we geven ze applaus. Jong en oud doet mee aan de wedstrijd. We drinken ons kopje cappuccino en genieten van het gezellige spektakel om ons heen. In de middag zoeken we een stille plek bij de rotsen in de bulderende zee. De zon schijnt weer volop en we horen niets anders dan krijsende meeuwen en oprollende beukende hoge opspattende golven. Heel in de verte op een hoge rots werpt iemand zijn hengel uit, verder is er niemand, het voelt bijna onwezenlijk.

Het dorpje Muxia, ingeklemd tussen de Atlantische Oceaan (rechts) en een veilige baai met haven (links).
Het dorpje Muxia, ingeklemd tussen de Atlantische Oceaan (rechts) en een veilige baai met haven (links).

We staan op het hoogste punt van de berg en het uitzicht is spectaculair. Je kijkt uit over heel Muxia en rondom zien we de hoge golven tegen de rotsen slaan. Opspattend schuim, een zeilboot die zich in dit geweld staande houdt, de bergen aan de overkant, al dit moois is bijna onwerkelijk voor onze ogen die aan een platte wereld gewend zijn. En dan heb ik het nog niet eens over de geluiden gehad. Stilte met alleen geluid van opspattend schuim en bulderende golven die aan komen rollen.

Een avond wandelingetje langs de haven, kleine bootjes en grote zeezeilschepen, de huizen rondom met de bergen op de achtergrond,  en de gouden zon in spetterend roze en oranje in de zee zien zakken..  Dit is nog het eenvoudige pure Spanje waar het toerisme het nog niet gewonnen heeft.

Het haventje van Muxia.
Het haventje van Muxia.

13 juli. Laatste dag in Muxia.

Ontmoetingen onderweg.

Naast mijn bed staat een ingepakte grote rugzak. Mijn ‘buurman’ in het bed naast mij vertrekt vanmiddag naar Portugal daarna gaat hij naar Marokko. Hij is hier een hele poos geweest. Alle dagen zien we hem veel liggen lezen in de Koran. Toen ik hem de eerste keer op zijn matje oefeningen zag doen moest ik in mijn onnozelheid aan yoga denken.  Vijf maal per dag ligt hij geknield zijn gebedsrituelen te doen. Het was nog donker en midden in de nacht. Ik werd wakker en dacht: “Wat zie ik daar? ”  Hij stond gestrekt te bidden. Hij komt uit Lille in Noord Frankrijk. ” Drie weken geleden heb ik mijn besluit genomen om weg te gaan uit mijn land. Het moslim geloof betekent alles voor mij. Ik heb geen werk meer maar de opdracht om iets goeds te doen voor anderen. Ik kan overal naartoe gaan. Het liefst  ga ik direct naar Marokko.” Als ik naar zijn familie vraag, hoor ik dat hij geen ouders heeft maar door zijn grootouders is opgevoed.  ” Dit vertel ik hen niet zodat zij zich geen zorgen over mij maken ..”

 

Advertenties

Een gedachte over “9 t/m 13 juli – Vrije dagen in Muxia.

  1. Van harte gefeliciteerd, Freek en Anneke, met jullie behaalde doel!
    Geweldig dat jullie weer en wind, kou en hitte, regen en zon, klimpartijen en afdalingen doorstaan hebben en heelhuids in Santiago zijn gekomen!
    Ik hoop dat er hierdoor ook meer begrip en erkenning is gekomen voor mensen met albinisme.
    ‘k Heb genoten van jullie berichten; dank je wel!

    Nog een fijn verblijf gewenst in Spanje en een goede thuisreis!

    een hartelijke groet van
    Marieke Pranger

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s